Narcissus 2

16 maart 2008 at 3:42 pm (Griekse Mythologie, Overpeinzingen) (, , , , , )

Ze had zich teruggestrokken in de achterste kamer van het huis. Ze was de aandacht moe. Het voelde alsof iemand anders in haar lichaam was gekropen en haar leven had overgenomen. Het kostte haar te veel energie. In de afgelopen week had ze een presentatie gehouden over haar successen. Vlak erna had ze zich dankbaar gevoeld. Ze wist dat zij haar successen te danken had aan hem. Als hij haar destijds niet had afgewezen, had ze nooit de drang gevoeld zich te bewijzen. Ze had het allemaal gedaan voor hem, zodat hij zou zien dat hij iets kostbaars aan de kant had gezet. Hij was niet eens aanwezig geweest. Hij wist niet eens dat ze een poging ondernomen had te schitteren. Het was zoals het altijd was. Hij was niet geïnteresseerd in haar.

Nu ze alleen was, had ze spijt dat ze de presentatie had gedaan. Ze had het gevoel dat ze, zodra ze op de voorgrond trad, de controle kwijtraakte over haar leven. Ze had een enorme angst om de grip te verliezen zodat ze niet meer weloverwogen en goeddoordacht haar acties kon kiezen. Het ging haar te snel. Dat was ook de reden waarom ze met schrijven was begonnen. Schrijven gaf haar de kans haar leven te orderen en het te perfectioneren.

De kamer – of wat er nog van over was – had ze opgeruimd en schoongemaakt. Na uren boenen had hij haar een glanzende tegelvloer als beloning gegeven. In het midden van de kamer ging ze zitten. Om de lucht te reinigen stak ze een wierookstokje aan. Het stond voor haar. Terwijl ze naar de rook keek die langzaam in kringetjes zijn weg naar boven vond dwaalde haar gedachten af naar hem.
Ze zag hoe de rook van het wierookstokje spiegelde in de tegelvloer. Hij was haar spiegelbeeld. Elke keer als ze bewonderend naar hem keek wist ze wat ze moest veranderen aan haarzelf om meer succes te krijgen. Met de bewondering kwam ook de afgunst. Het schipperde constant tussen die twee emoties; afgunst en bewondering. Iemand had haar niet zo lang geleden gezegd dat hij best jaloers was op de dingen die ze deed. Eerst had het haar trots gemaakt. Het was een teken dat haar successen tot hem waren door gedrongen. Daarna overviel haar een deprimerend gevoel. Ze wilde niet dat hij jaloers was. Ze had het voor hem gedaan. Liever had ze het samen met hem gedaan. Wat had het voor nut dat hij jaloers was op haar? Dat maakte de kloof tussen hen alleen maar groter. Net als de rook die opsteeg in de spiegelende vloer. De afstand tussen beeld en spiegelbeeld werd met elke zuchtje wind groter. Het werd haar duidelijk. Als hij haar spiegelbeeld was dan zouden ze nooit bij elkaar kunnen komen. Wat ze voor hem voelde was enkel eigenliefde. Zij waren samen Narcissus.

© Koningin der Decadentie

Plaats een reactie